U bent hier

Religieus groen erfgoed telt mee bij transformaties

Kerken, kloosters, seminaries en verzorgingshuizen: het zijn vaak enorme gebouwen die vergezeld gaan van een stevige groene buitenruimte. Zonder de tuin om het gebouw verliest het ensemble zijn identiteit. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) vroeg zich af hoe de tuinen het best meegewogen kunnen worden bij plannen voor herbestemming. Om de onderzoeksvraag af te bakenen spitst het onderzoek zich toe op kloostertuinen. De resultaten zijn echter breder in te zetten bij waardering en herbestemming van religieus groen erfgoed.

Het is bekend dat de meeste kloosterlingen van hoge leeftijd zijn en dat zij hun kloosters verlaten. En dat veel kloosters een nieuwe, meestal niet-religieuze functie krijgen. De Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed wilde graag weten wat de gevolgen zijn van herbestemming voor de tuinen bij de kloosters. Daar is nu onderzoek naar gedaan.

Groen erfgoedzorg

Als een klooster leeg komt te staan zijn er verschillende partijen die direct te maken krijgen met de groene buitenruimte. De nieuwe eigenaar moet zorgen dat de groenaanleg onderhouden wordt, zodat deze niet meteen verwildert. Deze heeft daar niet altijd ervaring mee, en zal zijn of haar weg in de groen erfgoed wereld moet zoeken. Ook de vergunningverlenende instanties moeten soms hun weg vinden in de wereld van het groen. Is de groenaanleg beschermd als monument en wat zijn de planologische randvoorwaarden? Zijn de cultuurhistorische waarden van de tuinaanleg eigenlijk wel goed bekend? 

Publicatie "van Paterstuinen tot Koningsbosch"

De zojuist verschenen publicatie “Van Paterstuin tot Koningsbosch…” in opdracht van de RCE geeft het algemene ontwikkelingsbeeld van de kloostertuin. Kloostertuinen staan bekend om hun rust en verstilling maar ook een moestuin, boomgaard, recreatievelden en de begraafplaats zijn deel van zo’n tuin. Onderzoeksbureau SB4 heeft een verkenning gedaan naar 25 kloosters met een als rijksmonument beschermde kloostertuin in met name zuid Nederland. Bekijk de publicatie “Van Paterstuin tot Koningsbosch”

Rolduc wijngaard

Verhaal kloosterleven 

Gelukkig blijken er van de 25  tuinen meerdere met respect voor de sfeer, beslotenheid en structuur aangepast te zijn. Uit de structuur van de tuin en de beplanting vallen nog de indeling en de functie af te leiden. Dat maakt het mogelijk om het verhaal van het kloosterleven af te lezen en te vertellen.

Begraafplaatsen best onderhouden

Bureau SB4 concludeert dat van de 25 bezochte tuinen er zes nog steeds als onderdeel van de kloosters functioneren. Negen hebben een nieuw gebruik gekregen. Er zijn er zes in transformatie en vier kloosters staan leeg en wachten op een andere functie. De begraafplaatsen zijn het best onderhouden, de sieraanleg bevindt zich in wisselende staat.

Kloosters zijn door de jaren heen regelmatig gegroeid of juist gekrompen als er ordes en congregaties verhuisden. Ook bij de nog als zodanig in gebruik zijnde kloosters is er vaak veel veranderd aan gebouwen en tuinen. Denk aan het onderhoudsvriendelijk of rolstoeltoegankelijk maken van de tuin.

Uitgangspunten bij herinrichtingsplannen

Maar het is dan telkens het concept van de kloostertuin dat overeind blijft: buitenruimte en contramal van het vaak kolossale gebouw. De tuin is vanuit een collectieve inspanning van de bewoners tot stand gekomen en onderhouden. Daarmee heerst er een eenvoudige en niet-materialistische sfeer, bijvoorbeeld door hergebruik van materialen. Dit zijn uitgangspunten die meegenomen kunnen worden bij herinrichtingsplannen. Ook het toekomstig groenbeheer, bijvoorbeeld via een vereniging van eigenaren, is dan onderwerp van gesprek. Het groen is een integraal en onmisbaar onderdeel van veel religieus erfgoed. Dat zullen de nieuwe gebruikers beamen.

Bekijk de digitale publicatie Van paterstuin tot Koningsbosch... Rijksbeschermde kloostertuinen - een verkenning

Natascha Lensvelt

Reacties