U bent hier

Terugkijken uitzending: ‘Nieuwe’ kerken

De kerk, of beter gezegd het gebedshuis, is van alle kanten belicht. In de laatste uitzending werd ingezoomd op geloofsgemeenschappen die in het verleden naar Nederland zijn gekomen. Gespreksleider was wederom Marlies Claasen. Haar samenvatting van een van de discussies was treffend: ‘Eigenlijk zouden we aan beide kanten de deuren wat meer moeten openen.’

De gehele uitzending is via deze link terug te kijken

Herman Pleij, emeritus hoogleraar Nederlandse letterkunde, zette in zijn column uiteen waarom Nederland altijd zo open en tolerant is geweest naar andere geloofsgemeenschappen. ‘Niet doordat Nederlanders nobelere mensen zijn, maar vanuit pragmatische overwegingen. We zijn al eeuwenlang afhankelijk van de handel. Dat maakt dat we ons open stellen voor andere religies. De pragmatiek van de tolerantie is gebaseerd op wederzijds voordeel: een win-win-situatie. Maar met de komst van asielzoekers is dat economische voordeel niet meer direct zichtbaar. Met als risico dat de tolerantie afneemt. Ik zou alleen daarom al zeggen: laat de gebedshuizen meer openbaar worden, zodat je elkaar makkelijker kunt ontmoeten. Pleij pleitte bovendien voor de noodzaak om gebedshuizen te behouden: ze laten zien wie wij zijn en hoe divers onze samenleving is.’

Groep christelijke migranten heel divers

Tijdens het eerste tafelgesprek werd verder ingegaan op de column. Niet zo vreemd, want Herman Pleij nam zelf als tafelheer ook actief deel aan het gesprek. Naast hem zat Madelon Grant, coördinator Samen Kerk in Nederland (SKIN) een organisatie die zich in zet voor migrantenkerken. Grant: ‘De groep christelijke migranten in Nederland is ongeveer even groot als de groep islamitische migranten. Maar de groep christelijke migranten is vaak minder zichtbaar.’

De diversiteit van de migrantenkerken maakt het bovendien soms lastig om beleid te voeren op de huisvesting voor migrantenkerken. Gaetan Mbwete, adviseur huisvesting bij SKIN: ‘Bij migrantenkerken is de manier van kerken vaak wat anders. Zo wordt er vaak “heilig geluid” gemaakt: een band speelt muziek met behoorlijke versterkers. Maar de kerkgebouwen in Nederland liggen meestal op een centrale plek waar veel woningen omheen staan. Dan kun je rekenen op klachten over het geluid. Mijn klanten, de migrantenkerken, zitten daardoor vaak op een bedrijventerrein of bij het station, plekken waar ze minder tot overlast zijn.‘

Ruimte voor mede-christenen

Koos Smits, katholiek priester bij de Sint Rafaëlkerk in Utrecht: ‘Ik zou me kunnen voorstellen dat kerkelijke overheden zeggen: als we dan toch gebouwen over hebben, laten we dan onze mede-christenen uit andere landen van ruimte voorzien. Maar ik heb niet de indruk dat dit prioriteit heeft.’ Grant: ‘En vanuit gemeentelijke kant ook niet. Het gemeentelijke beleid gaat vaak uit van krimp van de traditionele kerken, maar je zou ook wel eens mogen kijken naar de behoefte van groeiende geloofsgemeenschappen zoals van veel mirgrantenkerken.’

Na de oorlog een andere bestemming

Bij de synagogen is er wel sprake van krimp, zo bleek tijdens het tweede tafelgesprek. Henrike Hövelmann, manager Collecties & Kennis bij het Joods Cultureel Kwartier: ‘Voor de huisvesting is de thematiek enigszins vergelijkbaar met die van de klassieke christelijke kerken. Veel gebouwen hebben na de oorlog een andere bestemming gekregen. In sommige gevallen is er ook wel sprake van nevengebruik. Bijvoorbeeld in de Portugese synagoge in Amsterdam. Dat is nu doordeweeks een museum en op zaterdag wordt het gebruikt door de religieuze gemeente. Dan moet je met elkaar duidelijke afspraken maken over wat wel en niet kan in die ruimte.’

Buurthuis

Bij moskeeën komt het regelmatig voor dat er, in de nabijheid van de religieuze functie, andere functies zijn. Amine Oulad Lmaroudia, adviseur Moskee Nour en gemeenteraadslid in Heerlen: ‘In het gebouw zelf is de gebedsruimte. Maar daarnaast is er vaak een sporthal, een jongerenruimte, speelruimte, een winkeltje of een restaurant. Zo wordt het bijna een soort buurthuis en krijgt het meer een maatschappelijke functie.’

Maatschappelijke functie

Grant: ‘Die maatschappelijke functie van de gebouwen herken ik ook bij de migrantenkerken. Op een bepaalde manier is dat ook het gevolg van overheidsbeleid, vanuit de gedachte dat de samenleving zelf meer maatschappelijke functies kan oppakken. De zelfredzame samenleving. Je ziet de religieuze gemeenschappen daar op inspringen.’

Pleij: ‘De kerk was vroeger ook veel meer een openbare ruimte. Als je schilderijen ziet uit de zestiende eeuw, dan zie dat er van alles gebeurde in die kerken. Wat ik ook aantrekkelijk vind om te horen, is dat vanuit de gemeenschap zelf die initiatieven komen, zoals een winkeltje. Het wordt niet opgedrongen. Dan ontstaan er ook interessante contacten.’ Oulad Lmaroudia: ‘Er is een moskee waar je elke vrijdag speciale Marokkaanse pannenkoekjes kunt krijgen. Een Nederlandse man komt speciaal daarvoor elke week langs. Eten is iets heel menselijks. Ook dat verbindt.’

Reacties