U bent hier

Blog 'Toekomstig religieus erfgoed'

dinsdag 28 augustus 2018 - 14:27

Door: Jak Boumans

Dagelijks kan ik genieten van erfgoed. Kijk ik vanuit ons appartement  in Almere, dan zie ik een haventje met een twintigtal oude schepen. Van dit varend erfgoed zijn sommige turfschepen meer dan 100 jaar oud. De schepen varen nog, en worden ook bewoond. Kortom: ze hebben zowel een culturele als een sociale bestemming.

Professioneel houd ik me bezig met een nieuwe tak van erfgoed, namelijk ‘digitaal-media erfgoed’ of het ‘erfgoed van vluchtige media’. Ik heb mezelf benoemd tot curator van een museumpje, dat de pre-internet periode in Nederland van 1967 tot en met 1997 in beeld brengt met online diensten en CD-media producten.

Religieus erfgoed is mij niet vreemd, want mijn ouders waren van het (kruis)houtje. Bovendien heb ik zelf een klerikale carrière achter de rug van bijna een kwart eeuw, van misdienaar tot bijna priester, maar uiteindelijk van wereldheer in spé naar wereldse heer.

Eerste kennismaking met religieus erfgoed

In 1972 werd ik uitgenodigd voor een reünie op het klein seminarie in Tilburg. Het Missiehuis was verkocht aan een onderwijsinstelling bij gebrek aan roepingen: kandidaten voor de missie. Lichtjaren vóór het gebruik van de term ‘religieus erfgoed’, werden ik en mijn jaargenoten al geconfronteerd met de creatie van erfgoed. Het Missiehuis kreeg namelijk twee nieuwe bestemmingen. In het pand werd de MBO school De Rooi Pannen gevestigd, onder andere met een hotelschool. De seminarieschool ging uiteindelijk verder onder de naam Mill Hill College in Oirschot. Behalve de nieuwe vastgoedbestemming voor het Missiehuis werd tevens een nieuwe ideologische bestemming gecreëerd met een derdewereldschool.

Judeo-christelijk erfgoed

Na de Rooi Pannen kwam ik in toenemende mate langs religieus erfgoed, langs parels en problemen.

Parels van het religieuze erfgoed zijn de kerken, waarin boekhandels zijn ondergebracht, zoals  Waanders Achter de Broeren in Zwolle en boekhandel Dominicanen in Maastricht.

Maar het is niet goud dat overal blinkt. Rond 1990 zong ik in het kerkkoor van de  parochiekerk de Goede Raad Kerk, aan het Schimmelplein in Utrecht. Architectonisch een typische volkskerk uit begin jaren twintig, maar wel getooid met muurschilderingen van Charles Eyck en met glas-in-loodramen van Max Weiss. De kerk werd in 1993 gesloopt. Weg muurschilderingen. Slechts enkele glas-in-lood ramen zijn nog te bewonderen in de St. Vituskerk te Hilversum en er bestaan enkele opnames van de laatste gezongen missen.

En er is niet altijd een oplossing voor een kerk. Zo wacht mijn oude parochiekerk, de St. Jozefkerk, ook wel de ‘Kathedraal van Arnhem’ genoemd, al jaren op een bestemming en heeft het een tijdelijke bestemming van indoor skatebaan.

Toekomstig religieus erfgoed

Misschien verdenkt de lezer mij intussen van een zekere ontfermingsdrang over judeo-christelijk erfgoed en meer specifiek over rooms-katholiek erfgoed. Niets is minder waar. Sinds de verhuizing naar newtown Almere zie ik toekomstig religieus erfgoed vorm krijgen aan de reli-boulevard, waaraan o.a. gebouwen van niet judeo-christelijke geloofsgemeenschappen zijn gevestigd. Maar daarover de volgende keer meer.

Jak Boumans BA, Master of Divinity (1945) is adviseur content strategie bij Electronic Media Reporting in Almere. Hij is auteur van het boek Toen digitale media nog nieuw waren – Pre-internet in de polder (1967 -1997) en onderhoudt twee blogs. jak@euronet.nl

Taal 
Nederlands

Reacties