U bent hier

Medicijn tegen ontheemding

Als ik de krant lees, lijkt het wel of steeds meer mensen boos zijn. De gele hesjes beweging, de Brexit, populistische partijen die aan stemmen winnen. Het gaat maar door. Soms is dat met recht en rede omdat er aanwijsbare misstanden zijn. Maar vaak denk ik dat het voor een deel ook te verklaren is uit het feit dat mensen zich steeds meer vervreemd en ontheemd voelen van de eigen geboortegrond. Ik herken dat in ieder geval voor een deel ook bij mijzelf. De ontwikkeling die mijn eigen stad of dorp doormaakt gaat razendsnel en lijkt onomkeerbaar. Kerken en scholen uit mijn jeugd zijn gesloopt. Bedrijvigheid, winkels en maatschappelijke voorzieningen die ervan oudsher waren verdwijnen. Er komen nieuwe functies terug die vooral voor anderen bedoeld lijken. De bevolkingssamenstelling verandert ondertussen rap. Het economische belang lijkt het daarnaast steeds meer te winnen van de sociale verbinding; het particuliere gewin lijkt belangrijker dan het publieke belang. Ontheemding ligt op de loer.

Er lijkt behoefte aan nieuwe ankers. Wellicht kan het nadenken over de toekomst van onze kerkgebouwen hier een draai ten positieve aan geven. Kerkgebouwen zijn immers symbolen van liefde. Liefde omdat het voor veel mensen huizen van God zijn, en God is liefde. Maar ook omdat rondom die kerkgebouwen gemeenschappen staan van mensen die vaak met dubbeltjes en kwartjes bijgedragen hebben aan het bouwen of onderhouden van die gebouwen. Gemeenschappen die hier gedoopt of getrouwd zijn, of gerouwd hebben. Gemeenschappen die zich geïnspireerd door het geloof en de christelijke waarden die daaraan verbonden zijn, inzetten voor maatschappelijke doelen zoals zorg, onderwijs of buurtwerk. Gemeenschappen die de kerk onderhouden. Of er gebruik van maken omdat men er simpelweg muziek maakt of activiteiten organiseert. En er zijn groepen mensen die van kerkgebouwen genieten omdat het markante gebouwen zijn in de eigen buurt, of omdat men het cultureel interessante gebouwen vindt. Tenslotte zijn er mensen die zich met hart en ziel inzetten om kerkgebouwen een nieuwe functie te geven, zodra de religieuze functie naar de achtergrond schuift. Kortom, rondom een kerkgebouw zijn er vele sociale netwerken die gebaseerd zijn op gedeelde waarden. Positief ingestoken netwerken die wellicht een medicijn kunnen zijn tegen de ontheemding.

Vanaf 1 januari 2019 is het voor gemeenten mogelijk om financiële ondersteuning bij de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed aan te vragen voor het opstellen van een kerkenvisie. Dat wil zeggen dat gemeenten samen met kerkgenootschappen, burgers en erfgoedinstellingen kunnen gaan nadenken over de toekomst van de kerkgebouwen in hun wijk, dorp of stad. Zou het mogelijk zijn om die exercitie meer te laten zijn dan het opstellen van een spreadsheet?

Kan de dialoog, die over de toekomst van deze gebouwen gestart wordt, ook een zoektocht zijn naar het vitaal houden of maken van betekenisvolle netwerken? Een zoektocht naar de vraag hoe we de liefde in de samenleving -gekoppeld aan deze gebouwen- kunnen vasthouden of doorontwikkelen? Neem een gemeente als Rotterdam of SúdWest-Fryslân die in 2018 als pilotgemeente gestart zijn met het opstellen van een kerkenvisie. Het gaat in beide gemeenten om het nadenken over zo’n 150 kerkgebouwen. 150 kansen om in wijken en dorpen nieuwe contacten te leggen of bestaande relaties tussen mensen te versterken. 150 kerktorens die symbool kunnen staan voor verbinding. Als ik mijn ogen sluit, zie ik ze opgloeien in de donkere nacht. You may say I am dreamer…

Namens het team van het programma Toekomst Religieus Erfgoed wensen wij u hele fijne, warme en betekenisvolle feestdagen!

Frank Strolenberg
Programmaleider Toekomst Religieus Erfgoed

Nieuwsbrief nummer: 40 • Verstuurd op: woensdag 19 december 2018 - 12:35